Mindset

Download PDF met de theorie over Mindset.

theorie_03_mindset_thumbnail

Het Mindset model: Groei- vs Statische mindset

Content:

Zo stimuleer je verandering op de werkvloer: 4 voorbeelden

Hoe stimuleer je verandering – ook in mindset – op de werkvloer? Hoe slagen we erin om medewerkers te overtuigen dat verandering beschouwd mag worden als een positieve uitdaging vol leer- en groeimogelijkheden? In dit artikel lees je over hoe verandering op een creatieve manier gebracht kan worden in organisaties.

Hoe een statische mindset over persoonlijkheid samenhangt met depressie en psychische nood

Eerdere studies suggereren dat er een samenhang is tussen een statische mindset over persoonlijkheid en internaliserende klachten zoals depressie en psychische nood. In hoeverre is deze relatie er inderdaad en hoe zou deze dan tot stand komen?

This post is only available to members.

Je brein is sterker dan je denkt

Weet je nog, hoe je vroeger met urenlang studeren een heel schoolboek uit je hoofd kon leren? Zoiets kun je je nu misschien bijna niet voorstellen, maar je weet dat je brein er ooit toe in staat was. Je brein is immers ontzettend krachtig. Hoe benut je die kracht ten volste?

This post is only available to members.

Does Growth Mindset Work?

On a recent podcast interview, the interviewer called out the chapter in my book 8 Steps to High Performance where I state that growth mindset isn’t proven to work. “I was hurt by that section,” he said, “because having a growth mindset has had a very positive effect on my life.” That interaction perfectly highlights the problem with the concept of growth mindset.

This post is only available to members.

Oefeningen

Oefening: Aan de slag met Mindset

 

  1. Let op taalgebruik bij anderen. Gebruiken ze woorden die passen bij een statische mindset? Bijvoorbeeld: ‘ik ben daar niet goed in’ of ‘ik kan dat niet’. Of juist een groei-mindset? Bijvoorbeeld: ‘ik wil dat leren’.
  2. De ‘knobbel’. Denk eens goed na over woorden als talenknobbel en wiskundeknobbel. Bestaan die knobbels echt? Of zou het een self-fullfilling prophecy zijn? Denk aan het minst leuke vak vroeger op school. Wat was mogelijk geweest met iets meer inzet? Heb je jezelf (achteraf) wellicht tekort gedaan? En als dat zo is, hoe kijk je dan tegen je huidige situatie aan? Welke dingen vind je nu moeilijk of lastig?
  3. Ga op een andere manier om met fouten. Bestempel het niet als ‘fout’ maar als ‘nog niet goed’. Sta meer stil bij wat je vanaf nu anders gaat doen.
  4. Doe iets wat je moeilijk vindt en/of neem een proefles van iets dat echt ver van je af staat. Goed voor je hersenen, mindset en lerend vermogen.
  5. Focus meer op het proces dan op het eindresultaat. Bedenk bij alles wat je gaat doen van tevoren hoe je dat gaat doen. Evalueer na afloop wat je daadwerkelijk deed. Wat zei je? Wat dacht je? Wat wilde je? Bedenk dat uitsluitend je taken je brengen bij het resultaat.
  6. Geef een compliment op inzet (op de taak), niet op resultaat. Benoem wat iemand daadwerkelijk gedaan heeft, en het effect daarvan. Vermijd clichés als ‘goed gedaan’ en ‘lekker bezig’.
Oefening: Van statisch naar groei

 

Deze oefening kan ook weer met behulp van ankerplaten. Laat je coachee eerst een situatie / gebeurtenis beschrijven waar hij op gecoacht wil worden. Vervolgens laat je hem zijn eigen gedachten beschrijven. Wat denk je nu precies? Welke gedachten heb je?

 

Daarna: keuze. Je hebt namelijk altijd een keuze: laat je het zo of ga je er iets aan doen?

 

Vervolgens kan je bij “Weerspreek je gedachten” laat je beperkende overtuigingen vervangen door versterkende overtuigingen.

Oefening: Tegeltje

 

Laat een coachee een tegeltje maken met een spreuk die op hem slaat. Bijvoorbeeld “Doe maar normaal dan doe je al gek genoeg”.  Laat ze vervolgens een tegeltje maken met een spreuk die dit weerspreekt, bijvoorbeeld “Je bent nooit te oud om te leren”.

Oefening: Ja Maar en Ja EN

 

Begin met een zin en laat de deelnemers reageren waarbij ze verplicht moeten beginnen met Ja Maar…..

 

Voorbeeld: Zullen we naar Zuid Afrika op vakantie gaan?

 

Ja Maar dan moet ik prikken krijgen

Ja Maar dat is zo duur

Ja Maar daar is het gevaarlijk

Ja Maar dat is zo ver vliegen

 

Vervolgens begin je met precies dezelfde zin en laat je mensen reageren met Ja En.

 

Voorbeeld: Zullen we naar Zuid Afrika op vakantie gaan?

 

Ja En kunnen we dan uitzoeken of ik zonder prikken kan?

Ja En kunnen we de prijs wat lager houden?

Ja En hoe voorkomen we risico’s?

Ja En is een land dichterbij ook een optie?

 

Je zult zien wat het met de energie doet door simpel taalgebruik te veranderen vanuit een andere (positievere) mindset…